De voordelen van intervaltraining

Uren en uren zweten op de loopband,  hometrainer of crosstrainer is voorgoed verleden tijd. Je kunt die cardiotraining die zoveel tijd inneemt gemakkelijk vervangen door een training die in een mum van tijd voorbij is: intervaltraining.

Intervaltraining  is cardiotraining , uitgevoerd aan zo’n hoge intensiteit dat je lichaam de rest van de dag nog energie zal verbranden.  Eenvoudig gezegd betekent het dat je, ook terwijl je voor de tv op een zetel ligt, nog energie zal verbranden.  Je zult minder dan de helft van de tijd op de fitnesstoestellen doorbrengen dan daarvoor het geval was en tegelijkertijd meer afvallen.

Voordelen van intervaltraining

Naast de vermindering van de trainingstijd heeft intervaltraining nog een hoop andere voordelen.

Door aan intervaltraining te doen, vergroot je je longinhoud ofwel de maximale hoeveelheid zuurstof die je tijdens de training kunt innemen. Ook met het oog op andere sporten is dit een groot voordeel.

Als je langer traint aan een matige intensiteit kom je zelf in een catabolische staat waarin je spiermassa begint te verliezen. Als je net maanden aan krachttraining hebt gedaan om spieren op te bouwen,  is dit dus echt geen aanrader.

Als we op een van deze manieren trainen, heeft ons spierweefsel de neiging de bijhorende vormen aan te nemen. Vergelijk een marathonloper maar eens met een sprinter.  De sprinter zal veel meer spiermassa hebben dan de afstandsloper.

Hoe moet je het aanpakken?

Intervaltraining kun je op een heleboel verschillende manieren aanpakken. Een paar voorbeelden.

Je kunt sprintjes doen waarbij je echt alles geeft of sprintjes die je iets langer volhoudt. Kies je voor de eerste optie, dan zet je je lichaam echt onder druk zich verder te ontwikkelen en een zo groot mogelijke longinhoud te vormen.

De eerste manier: Warm 5 minuten op aan een matige intensiteit en geef dan gedurende 15 tot 30 seconden echt alles.  Neem dan een rustpauze van zo’n twee minuten. Je kunt wandelen tijdens je pauze, maar je kunt ook lichtjes blijven joggen. Doe 6 tot 10 van deze intervallen en sluit af met een cooldown.

De tweede manier: Warm 5 minuten op en doe dan gedurende 45 seconden tot 1,5 minuut een  sprint aan 80% van je maximumcapaciteit. Neem dan een rustpauze van 1 à 2 minuten, waarin je wandelt of lichtjes jogt. De rustpauzes duren iets korter omdat je gesprint hebt aan een  minder hoge intensiteit.

Dit soort trainingen is erg intensief. Doe het niet vaker dan 2 à 3 keer per week. Als je ook aan krachttraining doet, is het een goed idee op je rustdagen aan intervaltraining te doen.

Dit bericht is gepost op 27 maart 2008 om 14:31 uur en is geplaatst in Cardiotraining.

Laat een reactie achter
ID); ?>
Andere interessante artikels: De perfecte workout voor armen en bovenlichaam
Zwemmen als workout voor het hele lichaam